Een kopstoot van de kok en drie politiecombi’s

kopstoot van de kok2

Illustratie Ella Vandenbussche

Het had een normale avond in het oudste café van Gent moeten worden, maar het eindigde in grappig geweld en een verhoor van de politie. Het verhaal van een avond in café De Turk.

In café De Turk vallen de Gentse tongen van de barkrukken en wordt wijn weinig spaarzaam in trappistglazen geserveerd. Ik zit tegenover een vriendin, een culturele dame met versgekapt haar. Ik heb geen vermoeden waar de avond heen gaat.

Al snel blijkt dat er in De Turk altijd iets te beleven valt. Zodra de habitués genoeg hebben gedronken, zwermen ze uit van hun vaste stek aan de toog, op zoek naar gasten die hun grappen nog niet hebben gehoord. Een brede, behaarde dertiger die de kledingstijl van zijn  studententijd is vergeten ontgroeien, spreekt mijn compagnon  aan. Hij wil weten wie ze is en bromt al snel een tiental minuten onverstoord smalle praat in de richting van onze tafel. We ergeren ons niet, hij is vriendelijk. Niets nieuws in een café waar het bier en de wijn zo decadent worden geconsumeerd.

Wat volgt zal ook wel eigen zijn aan een dranktempel, maar ik had het nog niet al te vaak meegemaakt. Een beschonken schlemiel stapt op onze behaarde kameraad af, geeft hem een hand en vervolgens een kopstoot. Het gaat snel en het is verwarrend. Ik krijg geen tijd om er de humor van in te zien en ik zit verweesd te kijken naar alles wat erop volgt.

Een twintigtal minuten later staan drie politiecombi’s met zes agenten aan de deur. Het toeristisch centrum van de stad Gent is heilig. Gebral en gebonk in een café geeft een slechte naam. De politie, uw vriend, is ijverig paraat om het fait divers te versmachten en professioneel te laten verdwijnen.

Een halfuur lang gaan verontwaardigde kreten van de cafégangers en autoritaire oneliners van de politie heen en weer, waarna de zes agenten en hun wagens weer even snel verdwijnen. Het slachtoffer van de kopstoot druipt af en de dader blijft wankelend achter bij zijn drinkebroers. Hij bestelt zich een nieuwe pint, de olifantenmug is uitgezoemd.

Maar ondertussen heb ik voor het eerst in mijn leven getuigd bij een Proces Verbaal. De gever van de kopstoot is gelukkig te beschonken om mij ooit nog te herkennen, want hij is de kok van mijn favoriete restaurant, Du Progres aan de Korenmarkt. Ik ben even bang dat ik haren en slakken in mijn soepen en salades ga terugvinden als ik er nog eens ga eten.

Als ik een week later naar mijn biefstuk met pepersaus kijk, kan ik geen sporen ontdekken van wraak. Zijn vrienden, de obers tonen ook geen teken van herkenning. Professionalisme in de horeca betekent dat je je lam kan drinken en op de vuist kan gaan om de volgende week zonder verpinken te vertellen dat er geen vol-au-vent meer wordt geserveerd.

Alleen de Hollandse serveerster die er bij was weet een week later duidelijk nog wat er gebeurd is. Haar frieten worden iets ruwer mijn bord op gegooid, maar aan de smaak mankeert alweer niets.